Nu dat de vakantie is afgelopen en de scholen weer zijn begonnen word het ook voor mij weer tijd voor een beetje routine. En dus na lange periode van laksheid eindelijk weer een update voor mijn blog. Inmiddels zijn we alweer 2 maanden, 10 dagen, 1345 km en vele avonturen verder kortom er valt een hoop te vertellen, dus bereid je voor!
We bevinden ons op dit moment in Smith, ik zou graag willen zeggen de stad, het dorp of het plaatsje Smith maar dat is allemaal niet toepasbaar. Smith is een hamlet en wordt met haar 300 inwoners, pompstation en 4 straten het best omschreven als knus. Waar is Freya nu weer beland? Ja, dat dacht ik ook toen we hier binnen reden, maar gek genoeg is het 1 van de beste plaatsen waar ik tot nu toe ben geweest.
We verlieten het eiland grofweg 8 weken geleden, om nog een paar dagen in het wereldse Vancouver door te brengen. Deze waren zoals gewoonlijk gevuld met regen, afgewezen worden door clubs en heel veel eten. Een goede manier om uit de hippie flow te komen, een nog betere manier om uit te kijken naar een nieuw avontuur (want heel veel slechter kon het eenmaal niet). Dit nieuwe avontuur begon 4 dagen later, toen Manon en ik de VIA rail trein in stapte richting Edmonton. Deze treinrit van 25 uur was zowel overdonderend mooi als vermoeiend en verliep natuurlijk niet zonder ongelukjes. Zo ontpopte we in gouden medaille waardige sprinters toen we bij tussenstop de trein voor ons neus weg zagen rijden (achteraf bleek hij gewoon een cabine te lossen). En hadden we na een voornemen om enkel gezond te eten zo'n honger, dat we voor 40 dollar aan snoepgoed hebben gekocht en onszelf misselijk hebben gegeten. Aankomst in Edmonton verliep vlotjes, niet alleen hadden we een taxichauffeur met een neef in Holland (grote fan van PSV), ook kregen we een privekamer in het hostel om dat het overboekt was. We maakte ons op voor een comfortabele nacht, wat we wel konden gebruiken na meerdere pogingen gedaan te hebben om in een treinpassagiersstoel in slaap te vallen en uiteraard in gefaald zijn.
De volgende dag doorgebracht in de stad waar we ons verrassend thuis voelde, niet alleen was het er zo plat als een dubbeltje ook was bijna iedereen op de fiets. En de drinkleeftijd in Alberta is 18, ook niet onbelangrijk. Na mijn eerste legale biertje tijdens de lunch plannen gemaakt om die avond te gaan stappen, helaas moeten cancellen door ziekte bij gebrek aan slaap (darn you backpackerbudget, hadden toch een bedplaats moeten nemen). De volgende dag wel fris en fruitig verschenen voor onze ophalers, beter bekent als Klaas en Trent.
Klaas is een van oorsprong hollander en beste vriend van onze (toendertijd) toekomstige baas, Orval Hayes. Beter bekend als crazy hazey en ja dat heeft zo zijn redenen. Het leek Hazey wel fijn om iemand te hebben waarmee we onze moedertaal konden spreken, dit is ons ook gelukt alhoewel het zo'n 3 dagen duurde voordat Klaas genoeg moed had verzamelt om het te proberen. Geen zorgen, hij gaat met sprongen vooruit. Ons voorstellen aan de prins familie was een van de betere ideeën van Hazey. Niet alleen hadden we een thuis waar we tijdelijk konden verblijven tot dat ons appartement klaar werd gemaakt, konden we genieten van de heerlijke kookkunsten van vrouw Debbie ook hadden we meteen nieuwe vrienden namelijk zoons Trent en Ross. Eerstgenoemde nam ons die middag al meteen mee kayaken op het meer, want met de Canadese experience kun je niet snel genoeg beginnen. Niet dat het een probleem was, het meer was echter toch van hun, net zoals het paintbal veld in de achtertuin en de 2 auto's en 3 quads per persoon. Je kan begrijpen dat we pretty impressed waren, maar voor bewondering geen tijd want de volgende dag moesten we al aan het werk.
Koeien chasen, dat is wat we een week lang hebben gedaan. Koeien chasen, koeien sorteren en koeien taggen. En na werk zwemmen, paintballen en quaden. Heerlijk. Na 2 weken waren alle koeien echter in de wei en onze baan pretty much over. Je moet namelijk weten dat Orval niet de ranch heeft die we verwachtten, hij heeft koeien, 500 weliswaar, maar dat is slechts een hobby. Zijn echte bedrijf is een truckers / transportbedrijf en 7 gravelpits en een motel en God weet what else. Hij leeft om te werken en dat is maar goed ook want gezien hij erg slecht is in delegeren is dat alles wat hij doet. Hij heeft ook moeite met dingen opschrijven wat resulteerde in een verward brein, dit blijkt uit de gesprekken die je met hem hebt. Zo begint hij over de naam van een koe, verteld over zijn jeugd, waarschuwt hij je voor die oude bomen, vraagt je naar de zin van het leven en na een half uur weet je nog steeds niet of ze nou Bertha of Greet heette. Hoe dan ook, Hazey zou Hazey niet zijn als hij niet iets te doen had voor je en dus brachten we de volgende paar weken al schoonmakend, weed eatend en grasmaaiend (wel op een fancy grasmaaier) door. En trokken we in in ons eigen appartement, weliswaar na een grote schoonmaak gezien de muren bruin waren van de rook. Ook leerde we een rocktruck rijden, een enorme speelgoedauto van zo'n 30000 kg met een laadbak. Geen lessen, geen formulieren, gewoon Hazey die het in een paar minuten uit legde en daarna snel weer weg moest omdat hij een telefoontje kreeg. We werden direct het diepe in gegooid, een gravelpit in dit geval. Oftewel in een enorme zandbak waar volwassen mannen de voertuigen besturen waar ze als kleine knulletjes vroeger mee speelden. En ze verdienen tonnen met geld want gravel is Alberta's goud. Daarbij is dit gebied 1 van de best betaalde van de wereld EN werkt iedereen hier bijna noodstop. Ondertussen zijn we rocktruckproffs, niet alleen hebben we al in 2 gravelpits gewerkt ook bij slave lake pulp, een papierfabriek.
Niet dat Manon daar nu veel aan heeft, want ze is gestopt. Jup, ze reist over week richting Halifax en ik ga der een paar weken later achterna. De reden was omdat Hazey bijna geen klusjes voor ons heeft en we dus op zoek moesten naar een andere baan. Voor Manon was er weinig andere keuze dan de plaatselijke supermarkt, waardoor ze besloot verder te gaan reizen. Ik had het geluk een baan te krijgen bij de plaatselijke paardenranch, yay! Gisteren mijn eerste dag gedraaid en alhoewel het maar parttime is, is het super tof! Ik heb een paar projectpaarden; veulens en jaarlingen die aan de longeerlijn moeten leren lopen en een paar half ingereden paarden die wat meer km's nodig hebben. De baan bij Hazey moet ik nog wel aanhouden dus, maar gezien het wel goed verdient is dat niets zo erg. Daarbij 'vergeet' hij me vaak te bellen dus ben ik meer vrij dan aan het werk.
Verder ben ik weer terug ingetrokken bij Trent thuis, het appartement stonk, was te klein en mijn kookkunsten waren zwaar beneden level, dus toen Debbie vroeg of ik misschien terug wilde komen hoefde ik niet te lang te twijfelen. Ook ben ik vorige week mee gegaan op Trent's jaarlijks rafttrip (zie fb voor foto's), wat inhield drie dagen lang op een vlot de rivier af dobberen en 's avonds kamperen met uiteraard een kampvuur, gitaar en (vega) hotdogs. Ja, the real Canadian experience en die is niet compleet zonder het enige meisje te zijn. En om naar de wc te gaan door in een kayak te moeten springen naar de kant te peddelen, vervolgens tot je heup in de modder weg te zakken, te plassen in de bosjes en zo snel mogelijk weg te gaan voordat je aangevallen wordt door wilde beesten. Well on my om een echte Canadees te worden dus, want ook heb ik hier een echt shotgun leren schieten en een dirtbike leren rijden.
Dit weekend is de Smith fall fair, de rodeo, het evenement waar deze hamlet even helemaal opleeft voor de grofweg 2000 bezoekers. Hier wilde ik een stier gaan rijden, maar nadat meerdere mensen me voor gek beweerde en ik geforceerd een half uur lang de ergste bullriding ongelukken op youtube heb gekeken, denk ik dat het toch maar een koe of bareback horse wordt. Samen met the dance waar iedereen een mislukte country dans genaamd de two step doet en pancake breakfasts maakt dat alles mijn Canadese zomer ervaring toch wel compleet. En dat is maar goed ook, want volgens de veranderende kleur van de blaadjes, de eerste nachtvorst en de angstige stemmen van de locals komt de winter er alweer bijna aan. En dat is hier niet niks heb ik ondervonden, met wind kan de gevoelstemperatuur hier namelijk dalen tot -60C. Maar gelukkig was de afgelopen winter mild met een dagtemperatuur van slechts -30C.. Hoe men het ook stelt, ik heb een hoop voorbereidend en acclimatiserend werk te doen. Maar ik heb nog even, nog 4 weken en dan wordt het tijd om afscheid te nemen van mijn tweede familie en (jaja) vriendje en tijd om mams en Ronald te verwelkomen in Halifax. De weken daarna zijn nog een beetje wazig, maar ik weet in ieder geval wel zeker dat ik hier terug kom, als is het maar om te ijshockeyen op Klaas zijn meer.